Office Kersten Geers David Van Severen
Bureau Bas Smets
Bas Princen
Milica Topalovic
Bart Verschaffel
3E
Project2

Het Vlaamse verstedelijkte territorium wordt gekenmerkt door een agrarisch ontsluitingspatroon dat is ‘versteend’ tot ‘bovenmaatse bouwblokken’. Zowel de 20ste-eeuwse gordels rondom onze steden als het verstedelijkte tussengebied hebben zich geënt op dat patroon, bij gebrek aan eigen adequate stedenbouwkundige modellen. Het bovenmaats bouwblok is dus alomtegenwoordig en vormt de conditie bij uitstek om nieuwe vormen van collectief wonen in en met het landschap te onderzoeken.

Deze ontwerpstudie herkent een aantal ‘latente vormen’ in het tussengebied die een alternatief kunnen bieden voor het bouwen in de onaangesneden woonuitbreidingsgebieden rond steden en dorpen, en stelt voor om een aantal er van op strategische plekken in het landschap (voedselproductie in stadsrand, overstromingsgebied, enz.) te verdichten. Door deze onafgewerkte, verknipte of gefragmenteerde bouwblokken te verdichten en te versterken, wordt nieuw landschap aangemaakt en wordt omliggend landschap vrijgemaakt. Het stuk landschap binnenin het bovenmaats bouwblok wordt collectief door de bestaande landschapsstructuren te versterken, en door een ‘casco’ te ontwikkelen dat het landschap tot een collectieve voorziening of programma transformeert. Hier worden sportterreinen, landbouwactiviteiten en natuurlijke structuren op elkaar afgestemd en toegankelijk gemaakt via een recreatief netwerk van wegels en paden, geënt op bestaande water- en groenstructuren. Deze typisch landelijke, gedeelde ruimtes, ‘wegels’ en ‘erven’, vormen het raamwerk voor een sterke verdichting.

Ze zijn een alternatief voor een openbare ruimte die volledig is afgestemd op de auto, en voor de gekende openbare ruimte van de stedelijke kernen. Ze vormen een collectieve ruimte die is aangepast aan het wonen in het landschap en krijgen in het bovenmaats bouwblok een hernieuwd belang als veilig netwerk voor voetgangers en fietsers.

Verschillende typologieën van verdichting zijn mogelijk binnen het overmaats bouwblok. In een eerste versie worden de percelen achter de bestaande woningen ontsloten en ingericht als een veld voor individuele bouwvolumes. Ze vormen een collectief erf dat aantakt op de wegelstructuur. In een ander voorstel wordt de bestaande perceelstructuur gebruikt om geschakelde rijwoningen te ontwikkelen, dwars op de hoofdweg en ontsloten via een eigen wegel. Ook worden hogere dichtheden met geschakelde en gestapelde types ontwikkeld, terwijl het parkeren wordt gegroepeerd in parkeerhavens in het gedeelde gebied.

Met de verdichte bovenmaatse bouwblokken worden ook energetisch efficiënte woonprojecten gerealiseerd. Een gemeenschap van 1500 woningen blijkt de ideale maat om de energievoorziening te centraliseren en de energieproductie te optimaliseren ten opzichte van de vraag. De buurtboiler verwarmt door middel van een lokaal warmtenet de nieuwe woningen op korte, en ook de bestaande woningen op lange termijn. De biobrandstof wordt lokaal geteeld als grassen, riet, wilgen of populieren.

De principes van het bovenmaats bouwblok – woonverdichting en het maken van een collectief landschap waarin recreatie, productie en waterberging hand in hand gaan leiden – tot het vrijwaren van een landschappelijkheid die in gangbare verkavelingsmodellen volledig geconsumeerd wordt. De stad blijft zo in contact staan met het landschap waarin ze is ingebed. Er ontstaat een stedelijk woonmilieu dat de hang naar groen vertaalt van de eigen tuin naar een gedeeld landschap. Ook wordt ingezet op synergieën. Energie en warmte kunnen uitgewisseld worden met een aanliggende kmo- en bedrijvenzone. Wie een woning betrekt in de nieuwe wijk participeert ook in de ‘zelfplukboerderij’, een boerenbedrijf met lokale bewoners als aandeelhouders die zelf hun eigen groenten komen oogsten. Eerder dan een steriel park wordt het landschap een domein voor actieve recreatie en lokale voedselproductie.

Elk van deze ingrepen realiseert een nieuwe vorm van collectiviteit, en maakt de structuur van het Vlaamse landschap opnieuw toegankelijk. Het collectief maken van de binnengebieden en het vrijwaren van het omgevende landschap zijn hierbij de sleutels. Het bovenmaats bouwblok neemt zo zijn verantwoordelijkheid op ten opzichte van het landschap. Op termijn zouden enkele goed geschakelde bovenmaatse bouwblokken de geprojecteerde woonbehoefte van een hele regio kunnen opvangen, waarbij bestaande woon(uitbreidings)gebieden rondom kernen gevrijwaard zouden kunnen worden en de ‘verappartementing’ van het dorp tegengegaan. Het maken van een collectief landschap op maat van de 21ste eeuw laat op die manier ook toe het cultuurlandschap van dorp, wegel, erf, weide en akker in een stedelijke context terug op te waarderen.

Team 5 : Het bovenmaats bouwblok

De Vlaamse verstedelijking bestaat uit een ongebreidelde aaneenschakeling van onvoltooide bovenmaatse bouwblokken. Dit voorstel zet de toekomstige woningbouw in om deze bestaande verstedelijking én de onderliggende landschappelijke structuren te recupereren binnen een regionale en landschappelijke strategie. Een aantal overmaatse bouwblokken worden afgewerkt en zuigen de demografische groei op. Het landschap wordt zo vertrekpunt voor een nieuwe vorm van collectiviteit.

Download 'Het bovenmaats bouwblok'

Het bovenmaats bouwblok

PPW Team 5